1984 • LOKV

Utrecht

 

Helderheid en eenheid scheppen in een labyrint

 

Het LOKV-gebouw (Landelijk Ondersteuningsinstituut voor Kunstzinnige Vorming) omvat drie panden met twee verschillende gevels, waarvan alleen de ingangspartij ter hoogte van nummer 6 is gewijzigd. Het complex was voorheen eigendom van de AMRO-bank, die het ene pand na het andere als een broddellap aan haar bezit toevoegde, ad hoc verbouwde en inrichtte. Opdracht was in dit labyrint van donkere en grillig verbonden ruimten een heldere structuur te ontwikkelen.

 

Cultureel-educatieve uitstraling

 

Uitgangspunt voor de vormgeving van de ingangspartij was de vraag hoe de cultureel-educatieve functie van dit instituut in de architectuur tot uitdrukking kon worden gebracht. Vanwege het krappe budget is gekozen voor een rigoureuze aanpak: interne kaalslag, zodat onvoorziene verrassingen werden uitgesloten. De tweede grote ingreep was de situering van een gang op de verdieping, dwars door het totale complex, met aan de einden een trappenhuis waar de meeste vloerniveaus samenkomen. De begane grond heeft een openbare functie met tentoonstellingsruimte, bibliotheek en kantine.

 

Gematerialiseerde verwijzingen

 

De gevel heeft, evenals die van van het kantoor voor Oudhof aan het Rokin 99 in Amsterdam, veel stof doen opwaaien. In de onderpui zijn metaforen gebruikt die verwijzen naar de activiteit van de opdrachtgever: kunstzinnige vorming. Natuur versus cultuur komt tot uiting in het verschil tussen grof en glad: rustica tegenover de gepolijste granieten blokjes in de muur. Dit motief verwijst naar de Franse architect Ledoux, wiens invloed in het negentiende eeuwse Utrecht zichtbaar werd. De twee afgebroken pilasters staan voor kracht, voortgang, gebondenheid. Ze staan ook symbool voor het begrenzen, het territorium bepalen. Scholing is verbeeld door het non finito-aspect: alles oogt zeer onvoltooid, de gevel is als het ware in opbouw.

 

Publicatie: 1985 de Architect

terug naar overzicht