Mart van Schijndel

Mart van Schijndel (Hengelo 1943 – Utrecht 1999) was een ontwerper die zich niets van disciplinaire grenzen aantrok. Zijn opleidingen tot timmerman, meubelontwerper, bouwkundige en interieurarchitect sloot hij in 1967 af met het eindexamen aan de Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam, met als vakgebied Architectonische Vormgeving. Sinds 1968 had Van Schijndel zijn architectenbureau gevestigd in Utrecht. In de drie decennia dat hij actief was, hield hij zich intensief bezig met zowel architectuur, interieur- als productontwerp. Aanvankelijk ontwierp hij voornamelijk voor de culturele sector, zoals het LOKV en het stallencomplex van het Centraal Museum in Utrecht en deed hij verbouwingen voor particulieren zoals het effectenmakelaarskantoor op het Rokin in Amsterdam, veelal in een historische context. Van Schijndel’s architectuur en productontwerpen worden niet alleen bepaald door de begrippen ruimte en vorm, maar ook door de poëzie die ontstaat door de samenstelling der delen, de geconstrueerde totaliteit. Binnen de Nederlandse traditie heeft zijn werk een ongebruikelijke uitstraling; literaire en poëtische aspecten vermengen zich met een bijna Japanse sfeer van eenvoud en raffinement, met daarnaast een mediterraan gebruik van kleur en licht.

Zijn conceptuele werkwijze ging gepaard met technische inventiviteit. Begin jaren ’80 resulteerde dit in de Delta Vaas, een internationale bestseller en inmiddels een designklassieker. De minimalistische eenvoud van de veel geplagieerde Delta Vaas bracht hem naamsbekendheid en internationale erkenning. Zo werd Van Schijndel het boegbeeld van de Nederlandse zelfproducerende ontwerpers. Museumcollecties kochten producten van zijn label Martech aan en internationale design jaarboeken publiceerden zijn werk. Daarnaast heeft Van Schijndel generaties architecten opgeleid in de vijftien jaar dat hij in Düsseldorf aan de Fachhochschule doceerde.

‘Mijn huis is alleen interieur’, schreef hij zelf over de plek die hij creërde waar alles in één handschrift werd ontworpen. Zo is het nu als een Gesammtkunstwerk van ruimtelijkheid, kleurgebruik en meubelontwerp te beschouwen. Collega ontwerper Wim Crouwel noteerde in het gastenboek: ‘De plattegrond krijg ik niet gauw in mijn hoofd, maar het huis is prachtig. De kleuren die er wel en niet zijn en voortdurend veranderen!’

 

terug naar overzicht